Home
KASHBA Asiatica
Ais Loupatty
Ton Lankreijer
Staalstraat 6
1011 JL Amsterdam
Open 12:00 – 17:00
Zondag / Sunday 14:00 - 17:00
Contact:
31-20 - 6 23 55 64
06 - 588 41 370

Tekst invoeren
Ook het begrip God veronderstelt meervoud: ware en niet-ware.
Grapje.
Wikikids zegt het leuker:
‘Goden zijn ontstaan omdat mensen vroeger niet wisten wat wat was. Mensen wisten bijvoorbeeld vroeger niet wat een bliksemschicht was. Dus verzonnen ze goden. Ze hadden voor alles een god of godin.’
Aanvankelijk vergeleken onze verre voorouders de krachten van de natuur met dieren, zoals de furie van een stier of de gezwollen uiers van een koe.

Later personificeerden ze dergelijke krachten als mensen.
Bijvoorbeeld als een gespierde man of een rondborstige vrouw.

Bliksemschichten kregen namen en menselijke gedaantes, zoals Thor of Indra.
De toornige gezichten die ze kregen, laten zien hoe angstaanjagend het hemelse vuur werd gevonden.
Dat bleek ook uit het wapen dat ze hoog opgeheven hielden.
Hoe kon de donder van Thor beter worden verbeeld dan met een groteske hamer.
Indra kreeg een staf met stralen naar alle richtingen waarmee hij tussen de zware wolken van de moessontijd de lichtbundels liet bliksemen.


Was de afbeelding al te schetsmatig of knullig, dan maakten deze voorwerpen alsnog duidelijk welke specifieke kracht er werd bedoeld en wat deze kon veroorzaken.
Een naam of toelichting erbij schrijven was geen optie: slechts zeer, zeer weinigen konden lezen. De kunst van het schrijven en lezen kwam wereldwijd pas geleidelijk aan in de vorige eeuw tot ontwikkeling.
Wie meer aspecten of kwaliteiten van een specifieke kracht wilde aanduiden, liet de lichaamstaal het zeggen.
Bijvoorbeeld met het handgebaar van een vuist of juist een open hand.
Of middels een strijdbare houding versus een vredige lotuszit.
De mogelijkheden zijn talrijk en de herkenning is onmiddellijk.

Mettertijd was een simpele schets van het object vaak voldoende om het te duiden – ze veranderden in symbolen.
- Een pijltje (zonder boog) verwees naar iets elders, naar iets dat zich niet liet verzinnebeelden. Het was niet zichtbaar, maar men vermoedde dat het er was.
- Een cirkel kon verwijzen naar die enorme lichtbol aan het zwerk die alles deed leven, maar die te krachtig was om direct aan te staren.
- Een lotusbloem verwees naar het ontstaan vanuit de modder, de groei door het donkere water naar de oppervlakte - om vervolgens in het licht tot bloei te komen.

Om te voorkomen dat een mediterende man slechts naar binnen blijft staren, omarmt een vrouwelijke figuur hem soms met in haar handen de symbolen van een schedel en een schedelmes.
De twee versmelten tot een geheel en zijn daarom - heel plastisch - ook lichamelijk innig verweven: yab-yum (oftewel vader-moeder).
En voor nadere duiding soms zelfs nog een paar rijen meer.


Daar was wel dagelijkse toewijding bij gebaat, gelijk kraal na kraal op een gebedssnoer.
Maar dat alles had de belofte in zich, die dankzij het sacrale water van liefde en compassie kon ontkiemen.
Pas dan breekt er inzicht door - gelijk een bliksemschicht - dat als een diamant in je handen komt te liggen om direct toe te passen in de dagelijkse realiteit.
Wie zoiets dergelijks in één figuur wil vatten,
zit al gauw op zes armen.

Al deze krachten als goden, halfgoden of afgoden bestempelen, schept verwarring.
Een paar miljard mensen spreekt van onze God en hun goden. De eerste als de enige ware, de rest als vals.
Opmerkelijk is echter: die andere paar miljard mensen spreekt helemaal niet van ‘goden’.
Deze niet-godsdienstigen ontwikkelden sinds millennia hele andere begrippen als bijvoorbeeld deva, yogini of bodhisattva om de wereld en hun plaats daarin te begrijpen.
Maar die diversiteit was de godsdienstige gelovige niet duidelijk. Mettertijd begon het andere paar miljard - met name in het Engels - te spreken van ‘onze goden’ tot buitenstaanders als uitleg van hun religieuze projecties.

Ach, zolang de boodschap maar overkomt. Anders verwijzen goden en symbolen naar het luchtledige.
Of, o wee, naar het tegenovergestelde.
Het woord betekenis komt overigens van het Oudnederlandse bitêkan, wat neerkomt op ‘een teken ernaar laten wijzen’.

Neem het Swastika symbool, een teken dat de afgelopen millennia in minstens drie culturen een zeer uiteenlopende betekenis kreeg toebedeeld.
- In China gaf men er ooit een sterrenconstellatie aan hun hemelgewelf mee weer.
- India zag er de scheppende centrifugale kracht in - gelijk de dynamiek van een tuinsproeier.

A rabbi stands before his congregation, raises his arms and proclaims: ‘I am a rabbi, a good rabbi, but I stand here as nothing before you, God, as nothing.’
The minister then steps forward and says in a loud voice: ‘I am a cantor, a good cantor, but I stand here as nothing before you, God, as nothing.’
Then a tailor comes forward and says: ‘I am a tailor, a good tailor, but I stand here as nothing before you, God, as nothing.’
The rabbi looks at the cantor and says: ‘Who does he think he is, that he thinks he is nothing…!?’
- Martin Buber

- In Europa (incl. Rusland) stond het teken bekend als gelukbrengend - overeenkomstig de etymologische vertaling van suvastika (Sanskriet): wel-zijn-teken.
- Nazi-Duitsland haakte daar op in en bouwde er een geheel eigen mythologie omheen - maar die is recent en overbekend.

Of leg twee driehoeken tegenovergesteld op elkaar, zodat ze samen een zeskantige ster vormen.
Dit teken komt reeds millennia lang wereldwijd voor en is in menige cultuur nog steeds volop aanwezig.
De betekenis loopt echter zeer uiteen.
Op het subcontinent van India zag men in de opstaande driehoek een man en in de neergaande een vrouw.
Een abstracte yab-yum versie, zo gezegd.
In short, symbolic language (pasigraphy) could never become a world language, not even a graphic Esperanto. Its meaning is too dependent on place and time.
This seems to work better with pictograms as 'visual aids', thanks to computer systems, airports, etc. But for how long?
The telephone icon is from before the war. Who knows which emoticon means what exactly? 😊

Incidentally, written words are symbols that also refer to something else. Once they are understood, they disappear again.
The Indian philosopher Nisargadatta expresses this neatly and succinctly:
“Words are used to point beyond words. When the message is understood, the words fall away.'
If only that were true.
'From your lips into God's ears,' people used to say.
Words are frequently enshrined in unshakeable holy books, which only priests and ministers can truly understand.

De keuze voor twee figuren wordt dan aantrekkelijk. Zo kun je iets van twee kanten belichten. Niet als tegendelen maar als aanvulling van elkaar.
Naast een man met het hoog opgeheven zwaard der kennis (waarmee hij knopen doorhakt), kan een omhelzende vrouwfiguur dan de compassie aangeven die daarbij nodig is om tot een wijs besluit te komen.